Terug naar overzicht

Samen het goede doen voor het onderwijs

De onderwijsstaking van vandaag gaat over het onderwijs van de toekomst, ziet Edward Moolenburgh, directeur VBS. Daarom pleit hij in zijn blog ‘Samen het goede doen voor het onderwijs’ op LinkedIn voor een samenwerkingscoalitie onderwijs die doel en plek van onderwijs in onze samenleving herijkt, een gezamenlijke ambitie formuleert en richting geeft aan de gewenste ontwikkeling van de inrichting en benodigde middelen. Om zo samen de toekomst van ons mooie onderwijs vorm te geven. Lees zijn volledige blog hieronder of op LinkedIn:

Vandaag staakt het onderwijs. In de afgelopen dagen is er al veel over gezegd en geschreven. We lezen over het verschil tussen ‘incidenteel’ en ‘structureel’ geld, over ‘wie vertegenwoordigt wie’ en vooral ook over de erkenning en het imago van een beroepsgroep en een sector. Daarnaast is er veel aandacht voor hoe het probleem van het lerarentekort zich al vele jaren geleden heeft aangediend. De actiebereidheid vanuit de basis van het onderwijs is hoog; ‘het water staat aan de lippen’. Dit ‘grassroots’ activisme zien we de laatste tijd ook op andere plaatsen zoals bij de boeren en in de bouw. De geest is uit de fles.

Onderwijs van de toekomst
Een belangrijke factor die een snelle oplossing belemmert is dat makkelijke oplossingen voor ingewikkelde vraagstukken niet bestaan. Het lerarentekort gaat over salarissen, maar niet alleen. Het gaat breder over de waardering van de sector, en zelfs nog breder over de waardering van de publieke sector. Het gaat ook niet alleen over leraren, maar ook over onderwijsondersteunend personeel, schoolleiders en de toekomstvisie en innovatiekracht van de sector. Het gaat over het interesseren (boeien en binden) van mensen voor een baan in het onderwijs, dus over faciliteren en begeleiden van zij-instromers, het aantrekkelijker maken van pabo-opleidingen door het aanbieden van specialisaties voor onder-, midden- en bovenbouw.

Het gaat er ook over dat we moeten voorkomen dat het geld dat beschikbaar is niet op de juiste plekken terecht komt en dat er door hoe we een en ander hebben georganiseerd, geen sprake mag zijn van verkeerde prikkels. Het gaat erom dat er geen leerlingen buiten de boot vallen en er ook in de toekomst goed onderwijs is voor alle leerlingen, ook die met specifieke onderwijs- en/of ondersteuningsbehoeften. Kortom dit gaat over het onderwijs van de toekomst.

Een andere sta-in-de-weg voor het oplossen van dit maatschappelijk vraagstuk, lijkt de vierjarige regeringscyclus gekoppeld aan vaak dichtgetimmerde regeerakkoorden. Dit leidt ertoe dat de beleidshorizon beperkt is, terwijl maatschappelijke ontwikkelingen en uitdagingen zich natuurlijk niet in blokken van 4 jaar laten inkapselen. Een hiermee verwante complicerende factor: politieke partijen die in de ene periode vrijuit oppositie kunnen voeren en in de volgende periode eindverantwoordelijkheid dragen over het lastige verdelingsvraagstuk van publieke middelen. Andersom kan natuurlijk ook, en in beide gevallen reageren ze vaak net even anders.

Intrinsieke motivatie
Maakt mij dit dan somber of cynisch? Allerminst! Recent werd ik geïnspireerd door het boek De meeste mensen deugen (2019) van historicus en publicist Rutger Bregman. Ik licht er een paar zaken uit: Bregman betoogt en onderbouwt uitgebreid in zijn boek dat mensen van nature een voorkeur hebben om het goede te doen. Ook dat de mens goed gedijt in een setting van kameraadschap en solidariteit. Voorts -en dat kennen we zeker uit het onderwijs en uit recente onderwijskundige vernieuwing- dat intrinsieke motivatie een belangrijke drijfveer van ieder mens is.

Kunnen we daar op verder bouwen? Ten eerste op de notie dat leraren en ook ouders, bestuurders, bonden, koepelorganisaties en politici allemaal het beste voor hebben met het onderwijs in Nederland. Ten tweede dat de solidariteit van vandaag tussen leraren, onderwijsondersteunend personeel, schoolleiders en bestuurders ook een brede maatschappelijke solidariteit kan zijn die we allemaal, ook met alle beleidsmakers, delen. En ten derde dat de intrinsieke motivatie die al heel sterk zichtbaar is bij mensen in het onderwijs eigenlijk een eigenschap is die we allen bezitten.

Samenwerkingscoalitie onderwijs
Waar VBS twee jaar geleden al pleitte voor een landelijke taskforce leraren, zou ik op dit moment een stap verder willen gaan en vanuit bovenstaande noties willen pleiten voor een nationale samenwerkingscoalitie onderwijs die doel en plek van het onderwijs in onze samenleving herijkt, een gezamenlijke ambitie formuleert, stippen op de horizon zet en richting geeft aan de gewenste ontwikkeling van de inrichting en benodigde middelen. Samen dus. Ik denk dat dit mogelijk is.

Ik leg hierbij de parallel met het klimaatvraagstuk. Dit vraagstuk is, ook door ons eigen toedoen, zeer urgent geworden en we kunnen niet meer om drastische stappen heen. Echter, recent zijn we wel vanuit de ‘klimaattafels’ tot een nationaal klimaatakkoord gekomen dat houvast biedt en duidelijke doelen formuleert die verder strekken dan de huidige regeerperiode. Niet dat het daarna dan allemaal zonder vallen en opstaan gaat, maar wel omdat we, vanuit ons aller voorkeur om het goede te doen en vanuit een gezamenlijke ambitie, samen de toekomst van ons mooie onderwijs vorm kunnen geven. Te optimistisch of te idealistisch? Nee, met Bregman zou ik willen zeggen: realistisch!
(06-11-2019)

Gerelateerd